De groep is na deze inspanningen behoorlijk vermoeid en besluit een kamp voor de nacht op te slaan in het mausoleum. Terwijl Stranger tegen een muur geleund in trance overgaat, legt de rest zich te rusten op de grond, waarbij Varlock strategisch op het toegangsluik wordt gepositioneerd bij wijze van extra waarschuwingsmechanisme.
Enige uren later wordt Stranger vage, krassende geluiden gewaar van buiten het gebouw. Zonder uit zijn trance te komen, geeft hij zijn vosje een mentaal signaal. Oy trippelt naar buiten, en meteen wordt Stranger de intense weerzin gewaar die het vosje doortrekt. Hij besluit het zekere voor het onzekere te nemen en schudt Varlock zachtjes wakker. De dwerg tast meteen naar wapen en schild, maar raakt daarna in een gefluisterd twistgesprek verwikkeld met de elf over de vraag wie hoeveel in het donker kan zien en welke strategie de beste is. De beslissing wordt hen uit handen genomen: de geluiden komen naderbij, en Varlock springt naar de deur om de eerste indringer warm te onthalen.
Hij komt oog in oog te staan met een ziekelijk mager, mensachtig wezen, gekleed in vodden. In de opengesperde mond zijn vlijmscherpe tanden te zien. Varlock aarzelt niet en haalt met zijn bijl uit naar de ghoul, die echter niet reageert op de verpletterende klap in zijn ribben, maar simpelweg verder oprukt met een rib minder. Stranger heeft zich strategisch achter Varlocks schouder opgesteld en vuurt magische projectielen op de ghoul af, die door de bijlzwaaiende dwerg wordt afgeleid. Het wezen stort levenloos ter aarde, maar wordt al gauw vertrapt door een tweede ghoul die zijn plaats inneemt en zich meteen op Varlock stort. De dwerg is niet gewend te vechten zonder zijn zware bepantsering en de ghoul weet hem te klauwen in een stukje onbeschermde huid. Een snelwerkend gif schiet door zijn bloedbaan en verlamd valt Varlock op de grond.
Inmiddels zijn Rexana en Chiara door het kabaal wakkergeschrokken. Terwijl Chiara slaperig met haar kruisboog staat te worstelen, stapt Rexana haastig over Varlock heen en hakt de ghoul met haar zwaard in de schouder. Stranger vuurt nogmaals een magische energiebal af en ook deze ghoul valt als een levenloos lijk ter aarde.
De voorraad blijkt echter nog lang niet uitgeput: een derde ghoul verschijnt in de deuropening. De onfortuinlijke Varlock ligt er nog steeds verlamd bij, terwijl boven hem het gevecht in alle hevigheid wordt verdergezet. Chiara vuurt een pijl op het wezen af, en Stranger, die het idee heeft dat effectievere maatregelen zijn geboden, trekt zijn pistool en jaagt hem een kogel in het lijf. Wanneer Chiara nogmaals een voltreffer plaatst, zakt de derde ghoul met een verbaasde grom in elkaar.
Er staat nog één ghoul overeind, die hardnekkig over zijn neergestorte soortgenoten heen klimt. Met blikkerende tanden doet hij een uitval naar Rexana, maar die weet hem te vermijden en laat hem kennismaken met de scherpte van haar zwaard dat vlotjes door zijn verschrompelde vlees glijdt. De ghoul staat al gauw te wankelen, en Stranger maakt met een welgemikt schot een eind aan het gevecht.
Een met blauwe plekken overdekte Varlock komt mopperend bij uit zijn verlamming en er wordt besloten om de rest van de nacht toch maar in de betrekkelijke veiligheid van de stinkende gangen door te brengen, voor het geval er nog meer ghouls op de loer liggen.
20 Rova
De nacht verloopt zonder verdere ongelukken en de volgende ochtend vatten de vier de zoektocht naar de ontbrekende arm aan. Chiara gaat lichtvoetig op verkenning en stuit al snel op een kamer die nog erger stinkt dan de gangen. Ze merkt een aantal diepe putten op, die bewaakt worden door een merkwaardige figuur met een wanstaltig misvormd hoofd.
Zachtjes sluipt Chiara terug en brengt haar makkers op de hoogte.
De vier besluiten om korte metten te maken met deze nieuwe dreiging. Chiara gaat met geladen kruisboog voorop en laat een schicht richting het wezen vliegen. Ze mist hem, en hij komt op haar afgestormd, maar Stranger is sneller en doordrenkt zijn pistool met zijn magie: een zwarte vloeistof komt uit de loop tevoorschijn en verandert de vloer in een glibberige glijbaan. Het wezen kan zijn vaart niet stuiten, glijdt uit en valt op de grond.
Rexana heeft intussen haar magie op Varlock losgelaten, en de dwerg rijst op tot een gigant: met zijn reusachtige bijl hakt hij op het rondglibberende wezen in. Chiara poogt nog een kruisboogpijl in zijn lijf te jagen, maar moet tussen Varlocks benen door mikken en mist zowel haar doel als de familiejuwelen van de dwerg op een haar na. Het wezen probeert inmiddels weer overeind te krabbelen, maar Varlock is er sneller bij en hakt met een donderende klap van zijn bijl zijn bloemkoolkop in twee.
Eens het lawaai van het gevecht is weggestorven, klinkt er een gekreun uit de putten op. Bij nadere inspectie blijken daarin mensen gevangen te zitten. De vier bevrijden de gevangenen meteen.
Een jonge vrouw die er nog het best aan toe lijkt, vertelt hen dat ze in Korvosa ontvoerd is, maar niet weet hoe ze hier is terechtgekomen: ze kreeg een klap op haar hoofd en werd wakker in de put. Ze zag alleen het wezen af en toe, dat de gevangenen kwam sarren, en hoorde hem een enkele keer praten met iemand die hem toestemming gaf te doen met hen wat hij wilde. Verder heeft ze geen idee wat er omgaat in de catacomben.
Nadat ze zich ervan vergewist hebben dat de bevrijde mensen allemaal kunnen lopen, begeleiden ze hen naar de uitgang. Tiora, de jonge vrouw, dankt hen uit de grond van haar hart voor hun bevrijding en verzekert hen ervan dat ze ervoor zal zorgen dat de anderen de nodige zorg zullen krijgen. Ze vraagt de vier naar hun namen, en wanneer ze hoort dat Rexana in het Pantheon der Velen dient, belooft ze dat ze daar binnenkort een bezoekje zal brengen om haar dankbaarheid uit te drukken in een passende beloning.
Wanneer de vier zich terug in het gangenstelsel begeven, komen ze weer langs de gebarricadeerde deur die ze eerder links lieten liggen. Varlock besluit dat dit een mooi moment is om te zien wat er eigenlijk achter de deur schuilgaat en probeert een van de planken die erop gespijkerd is los te trekken. Wanneer dat geen effect heeft, bonkt hij kort maar goed met zijn bijl een gat in de deur.
Vanaf de andere kant van de deur wordt terug gebonsd, en Varlock houdt even op met zijn inspanningen om te horen wat er gaande is. Hij krijgt niet veel tijd om dat uit te vogelen, want de deur vliegt uit zijn hengsels, en een golem, gemaakt uit lichaamsdelen, verschijnt. In zijn hand houdt hij een getatoeëerde arm, waar hij vervaarlijk mee zwaait. Er gaat een stank van het wezen uit die door merg en been gaat, en Varlock, Stranger en Rexana voelen hun maag keren. Ze strompelen kokhalzend achteruit.
Chiara fronst spottend haar wenkbrauwen bij het zien van haar kameraden - wie is opgegroeid in de Shingles kan zich geen gevoelige maag permitteren. Ze laadt dus onaangedaan haar kruisboog en schiet vastberaden op de golem, maar haar pijlen lijken weinig impact te hebben, het wezen blijft naderen.
Varlock en Rexana weten zich over hun walging heen te zetten en Varlock stormt met zijn bijl in de aanslag op de golem af terwijl Rexana haar magie in de vorm van een zegening over haar groepsgenoten laat neerdalen.
Chiara beseft dat ze tot andere maatregelen zal moeten overgaan en grijpt het bot dat ze nog steeds meedraagt. Ze springt op een nabije tafel en heft het bot boven haar hoofd, terwijl Varlock behoedzaam een stapje achteruit zet om de golem binnen het bereik van zijn kameraden te brengen. Ook Rexana staat met getrokken zwaard klaar naast de deuropening en wanneer de golem haar bereik komt in geschuifeld, hakt ze hem een stuk uit zijn lijf. Ook Varlock laat zich niet onbetuigd en hakt met zijn bijl op het wezen in, zodat de naden tussen zijn onderdelen beginnen te barsten.
Chiara’s uithaal met het bot stuitert van de golem af, en ze zoekt bescherming achter de tafel. Stranger, wiens gevoelige elfenneus echt niet tegen dit soort aanval erop bestand is, heeft intussen simpelweg maar afdoende zijn neus dichtgeknepen en vuurt kogels op de golem af. Wanneer het tot hem doordringt dat de arm waarmee de golem zwaait degene is die ze zoeken, vuurt hij andermaal zijn glibberige magie af.
De golem merkt dat zijn wapen ineens niet bepaald vast in zijn handen ligt, weet nog een klap uit te delen, maar raakt de arm dan toch kwijt wanneer hij Varlock andermaal op zijn hoofd wil timmeren. De dwerg maakt van deze afleiding gebruik om de golem met een machtige klap onschadelijk te maken.
Chiara komt vanachter de tafel tevoorschijn en ziet tot haar verbazing dat de golem niet meer beweegt, terwijl Stranger tevreden de arm opraapt: nu ze alle onderdelen hebben verzameld, is hun missie geslaagd. Een korte inspectie van de verdere gangen levert verder niets op, en ze besluiten om het terugbrengen van het lichaam voorrang te geven op een jacht op de dodenbezweerder Rolth.
Wanneer ze met de kruiwagen door de straten lopen, suggereert Rexana zorgelijk dat ze misschien beter eerst een priester kunnen opzoeken om de nog bewegende arm tot rust te brengen. Het lichaam in deze staat aan Duizend Botten overdragen, lijkt niet bepaald diplomatisch verantwoord. Haar makkers wuiven luchtig haar bezwaren weg, maar Rexana blijft bedenkelijke blikken op de torso met de vastgebonden schokkende arm werpen.
De overige drie merken inmiddels dat het een drukte van belang op straat is: mensen staan opgewonden met elkaar te praten, en er heerst een vrolijke sfeer.
Wanneer ze in de citadel aankomen, bedankt Cressida hen voor het vervullen van hun opdracht. Ze treft regelingen om een priester te laten halen zodat het lichaam in een vredige staat hersteld kan worden, en gaat dan over op het nieuwe probleem van de dag. Koningin Ileosa heeft een aankondiging doen uitgaan dat de moordenares Trinia die avond bij zonsondergang terechtgesteld zal worden.
Cressida lijkt niet bepaald gelukkig met deze gang van zaken, en ook Chiara, die, ondanks haar mislukte jacht op de jonge vrouw sympathie lijkt te hebben opgevat voor mede Shingles-bewoonster Trinia, is zwaar verontwaardigd. Cressida verzoekt de vier om die avond aanwezig te zijn bij de terechtstelling, en ze aanvaarden deze nieuwe taak.
Stranger zint op een manier om te bepalen of Trinia schuldig is of niet, en wil graag een priester meekrijgen naar de veroordeelde zodat die met goddelijke hulp kan vaststellen of de jonge vrouw kwaadaardig van inborst is. Rexana werpt tegen dat zelfs goedaardige mensen onder de juiste omstandigheden tot geweld kunnen overgaan, maar geeft toe dat de bevestiging van Trinia's kwade bedoelingen toch al een zorg minder zou zijn.
Cressida ziet er het nut niet van in, maar geeft hen de toestemming op eigen houtje tot deze maatregelen over te gaan, als ze daar heil in zien.
Varlock heeft het inmiddels wel lang genoeg zonder bier gesteld, en zodra ze de citadel uit zijn, begeeft hij zich naar ‘De Krakende Hangmat’ om zijn lang gemiste rantsoen te gaan inslaan. Chiara wil een bezoekje bij haar familie gaan afsteken, en overhaalt Rexana en Stranger om mee kennis te komen maken.
Chiara’s moeder onthaalt haar belangrijke bezoek met thee en koekjes, en Stranger maakt van de gelegenheid gebruik om een brief naar zijn zoon te schrijven om hem te berichten over de lotgevallen die hem in Korvosa houden. Rexana en Chiara kijken verbaasd op wanneer ze horen dat de jongen, die als assistent-bibliothecaris werkt, de naam Danger heeft gekregen, maar besluiten om niet in te gaan op de duisterheden van elfse naamgeving.
Wanneer de middag vordert, begeeft Rexana zich in het gezelschap van Stranger naar het Pantheon om daar de hulp te zoeken van de priesteres van Iomedae. Die lijkt in eerste instantie niet genegen om in te gaan op haar verzoek de terechtstelling bij te wonen. Strangers gemompelde mededeling dat ze ook wel een paladijn kunnen zoeken om hen bij te staan als ze zich niet tegen de taak opgewassen voelt, helpt niet echt, maar de priesteres laat zich overhalen door de argumenten van de jonge vrouw die ze mee heeft opgevoed en leren zwaardvechten: Iomedae kijkt niet goedgunstig neer op een onrechtvaardig proces, en als er iets is dat ze kan doen om gerechtigheid te helpen geschieden, dan is het haar taak om daaraan bij te dragen.
Bij de eerste schemering trekt de groep richting kasteel Korvosa, nadat ze een onwillige Varlock van bij de bar hebben weggesleept. De dwerg moppert humeurig dat hij helemaal geen zin heeft om al die trappen weer op te klimmen, en laat zich maar amper van het nut van de onderneming overtuigen.
Er heerst een feestelijke drukte op straat. Een menigte dromt samen bij het schavot dat is opgericht, en de edelen van de stad hebben zich in hun mooiste gewaden gestoken.
Onder luid trompetgeschal schrijdt koningin Ileosa naar voren. Ze heeft een transformatie ondergaan in vergelijking met de vorige keer dat de vier haar zagen: ze heeft haar rouwgewaden afgelegd en is gehuld in een vorstelijk gewaad van groene en witte zijde. Ze wordt vergezeld van een stoet hovelingen en raadgevers waaronder de vier ook Sabina Merrin herkennen.
Dreunende trommelslagen kondigen de komst van de veroordeelde aan. Een jonge vrouw, over wiens hoofd een kap is getrokken, wordt naar het blok geleid, waar een reusachtige man met een beulskap staat te wachten, geleund op een blinkende bijl. Wanneer de kap van haar hoofd wordt weggetrokken, zien ze dat het inderdaad Trinia is die voor de menigte staat. De jonge vrouw ziet er angstig en bleek uit, maar houdt zich goed.
De koningin richt het woord tot de menigte en spreekt over de moeilijke tijden die er geweest zijn. Ze hoopt dat het terechtstellen van de moordenares van de koning een eerste stap zal zijn richting een nieuw hoofdstuk voor Korvosa, waarin zowel de stad als zijzelf kunnen helen na de droeve lotgevallen. Met gezaghebbende stem geeft ze de beul het bevel tot de executie over te gaan.
Chiara staat nu hardop te protesteren, terwijl er opgewonden kreten door de menigte gaan. Trinia wordt op haar knieën gedwongen, en haar hoofd op het hakblok gelegd. De beul heft zijn bijl en staat op het punt om die op haar hals te laten neerkomen, wanneer hij halverwege zijn beweging verstart. Met een gepijnigd gezicht tast hij naar zijn rug, en haalt bloedbevlekte vingers weer terug. Voor hij beseft wat er gaande is, boort zich een tweede dolk in zijn schouder, en de bijl valt uit zijn krachteloze vingers, terwijl hij door zijn knieën zakt. Met een dreunende klap valt de bijl in het hakblok... vlak voor Trinia's angstige ogen.
Trinia springt op en staat er verschrikt bij, maar niet voor lang, want een gemaskerde figuur verschijnt op het podium en hakt haar boeien door. Hij schreeuwt de koningin toe dat het inderdaad tijd is voor een nieuw hoofdstuk in Korvosa, waarbij de stad weer gezond kan worden: door het verwijderen van de koningin die haar ziek maakt!
Zodra de gemaskerde figuur verschijnt, gaat er een eerbiedig gefluister door de menigte. De legendarische volksheld Blackjack is teruggekeerd!
Wachters doen verwoede pogingen Blackjack te grijpen, maar hij is hen te snel af. Met Trinia in zijn kielzog ontsnapt hij door de onrustige menigte, waarin mensen schreeuwen om het aftreden van de koningin of net om de dood van Trinia.
Maar dan duikt de beul op achter Blackjack, en heft zijn bijl om met de opstandeling af te rekenen. Chiara aarzelt geen moment, heft haar geladen boog en vuurt een welgemikte schicht af. Tot haar verrassing hoort ze naast zich een gedempte knal, en wanneer ze opzij kijkt, ziet ze een onbewogen Stranger zijn pistool weer opbergen.
De beul stort ter aarde, en Blackjack maakt zich uit de voeten. Met Trinia achter zich aan klimt hij via een feestelijke banier tegen een muur op, slaat daar een drankje achterover, en maakt dan een galante buiging die rechtstreeks voor de vier bedoeld lijkt, alvorens te verdwijnen.
De vier besluiten niet te blijven staan dralen, en verspreiden zich in de menigte om niet nog meer aandacht te trekken dan ze al hebben gedaan. De consternatie is groot genoeg, en ze weten geruisloos op te gaan in de drukte...
Treasure
+1 studded leather armor
Boeken (verkocht voor 300 gp)
Elixir of vision
Amber ketting
Zilveren dolk