23 Lamashan (vervolg)
Ishani heeft de waarschuwing van Stranger niet in de wind geslagen: overal in de stad worden posten opgezet, waar mensen hun potentieel gevaarlijke zilvermunten moeten komen inleveren.
24 Lamashan
De volgende morgen wordt een nieuw groepslied ziek wakker. Het is Strangers beurt om zich slapjes naar de tempel te slepen. Maar eerst stuurt hij Oy om Varlock: met de
dwerg als wig kan hij zich misschien makkelijker een weg tussen de
mensenmassa banen. Het heeft helaas niet het beoogde effect, de
toegestroomde zieken zijn té talrijk. Uiteindelijk krijgt de tovenaar er
genoeg van, trekt een magisch stafje en vuurt een sinistere
spreuk voor zich af. Mensen duiken misselijk en nog zieker dan ze al
waren uit zijn weg en hij kan naar de voordeur van de tempel schrijden.
Nadat Stranger genezen is, verneemt hij van Ishani een gerucht: in de stad wordt verteld dat iemand een geneesmiddel
heeft ontwikkeld en dat verkoopt! De kans is groot dat het onzin is,
maar een dergelijk spoor kan en mag niet genegeerd worden. Ishani verzoekt Stranger dus om samen met zijn kameraden op onderzoek uit te gaan. Er wordt een passende beloning afgesproken voor hun rapportage en de elf stemt in. Via de achterdeur verlaat hij samen met Varlock iets onopvallender dan hij gekomen was de tempel.
Oy wordt er weer op uit gestuurd en algauw is de hele groep weer samen, klaar om dit mysterieuze geneesmiddel
van nabij te gaan onderzoeken. Ze zetten koers naar de winkel waar het
zogenaamde wondermiddel verkocht wordt: parfumerie 'Lavendel' vlakbij de
Acadamae, die het eigendom is van ene Vendra Loagri.
Onderweg zien ze dat de stad nog steeds jammert van ellende
in de klauwen van de ziekte: de eerste doden worden afgevoerd. Op dit
moment zijn het nog vooral verzwakten, ouderen en kinderen.
Naarmate ze dichter in de buurt van de parfumerie komen, neemt de drukte toe. En op vier blokken afstand van de winkel tekent zich al een rij af: mensen staan geduldig aan te schuiven om hun enige hoop op genezing te kunnen kopen.
In
de winkel zien ze twee winkelmeisjes, een goedgeklede dame die de
eigenares lijkt en twee wachters. De wachtenden krijgen flesjes voor hun
geld. Boven de balie waarop die staan te wachten, hangt een bordje: “Lavendels luxueuze lotion. Je hebt het of je hebt het gehad.”
Pogingen om de winkel binnen te komen, leveren niet veel op, mensen zijn niet van plan zich hun duurverworven plekje in de rij te
laten ontnemen. Zwaaien met de autoriteit van de wacht of de tempel
verandert daar niet veel aan. Aanschuiven moeten ze, net als iedereen!
Uiteindelijk bedenkt Rexana het plan om iemand vooraan om te kopen: wanneer hij ook een flesje voor hen koopt, zullen
ze dat van hem betalen. Gezien de exorbitante prijs naar maatstaven van
de beurs van een normale burger, stemt hij daar snel mee in.
Eens het middel bemachtigd, wordt besloten dat Rexana en Varlock het naar de tempel zullen brengen. Ishani kan het dan zo gauw mogelijk beginnen analyseren.
Terwijl Stranger
en Chiara op hun terugkeer wachten, beginnen ze zich al gauw te
vervelen. Met zijn tweeën besluiten ze om nog maar eens te proberen de
winkel binnen te komen. In plaats van te zoeken naar een goede uitleg, wriggelen de twee zich gewoon langs de voorste aanschuivers de winkel binnen. Een paar mensen sputteren tegen, maar een felle blik van Chiara en een dreigende van Stranger doet hen al snel stiller mopperen uit vrees voor een rel.
Stranger schaft eerst enkele flesjes aan en probeert daarna Vendra
aan de praat te krijgen over haar wondermiddel. De zakenvrouw wil niet
veel kwijt: het recept is uiteraard geheim. Ze beweert het toevallig
ontdekt te hebben, in feite gaat het om een middeltje dat ze al langer maakte, maar onverwacht ook tegen Bloedsluier bleek te werken.
De vier besluiten om af te wachten wat er gebeurt eens de winkel zijn deuren sluit. Misschien kunnen ze Vendra volgen naar de plek waar ze haar medicijn bereidt. Hun tocht door de stad heeft Rexana en Varlock
maar al te duidelijk gemaakt dat de tijd dringt: steeds meer doden
worden weggehaald, steeds meer mensen haasten zich hoestend naar huis.
Als dit geneesmiddel werkt, dan moet het zo snel mogelijk op grote
schaal gemaakt worden.
Omdat ze anders
nogal in het zicht zouden slaan, zoeken ze naar een schuilplaats. Die
wordt vlot gevonden in een appartement tegenover de winkel. In ruil voor
klinkende munt wil een overbuur zijn raam en zetel wel 'verhuren' aan
de vier.
Wanneer de nacht valt, verlaat Vendra de winkel. Chiara stuurt Majenko achter haar aan, die op enige afstand wordt gevolgd door Stranger. Ze blijkt niet ver uit de buurt te wonen. Majenko blijft op wacht bij haar huis, terwijl Stranger en Varlock een nieuwe figuur achterna gaan: een
van de wachters verlaat ook de winkel, en komt met een ton naar buiten.
Ze moeten de achtervolging echter al gauw staken: de wachter hoort tot
twee maal toe een onvoorzichtig geplaatste voet van de elf. Stranger weet zich telkens met een haastig geprevelde spreuk onzichtbaar te maken, maar besluit van tactiek te veranderen. Oy
trippelt nu achter de wachter aan, die daar geen kwaad in lijkt te
zien. Wat ze te weten komen, is voorlopig weinig opzienbarend: de
wachter vult de ton met water, en brengt hem vervolgens weer terug naar de winkel.
Een plan wordt beraamd om Vendra in haar eigen huis te bespioneren. Rexana
zal voor een magische afleiding zorgen aan de voorkant, terwijl Chiara
door een raam achteraan naar binnen klimt. Alles gaat volgens plan, en
een paar
magisch opgewekte geluiden, lokken iemand naar de voordeur. Chiara ziet
aan de achterkant inmiddels een licht kitscherige kamer die bloemrijk
ingericht is. Ze hoort echter mannenstemmen, en even later zien haar
makkers Chiara weer kalmpjes naar de voorkant
wandelen. Enige verontwaardiging dat ze zich niet aan het plan heeft
gehouden, wordt door de halfelf terzijde gewuifd: er zijn meer mensen in
het huis dan ze verwacht hadden en ze had geen zin daar in haar eentje
tegenover te staan.
Varlock wordt het omzichtig doen onderhand helemaal zat en vraagt zich ongeduldig af waarom ze niet gewoon naar binnen gaan. Stranger steunt die motie: ze moeten het geneesmiddel te pakken krijgen en daarmee uit. Rexana heeft nog bedenkingen, iedereen heeft immers het recht
zijn geestelijke eigendom te verkopen en te beschermen, daarmee is
iemand nog geen misdadiger... maar zwicht voor het argument dat tijden
van nood vragen om bijzondere maatregelen. Bovendien, zo houdt de rest
haar voor, zal Vendra heus wel gecompenseerd worden voor haar formule.
Zo gezegd, zo gedaan. Chiara springt alsnog door het raam naar binnen, terwijl de rest via de voordeur naar binnen stapt. Rexana doet onmiddellijk een beroep op het geweten van de aanwezige mannen: ze moeten toch inzien dat de stad
ten prooi is aan een afschuwelijke plaag. Als ze echt over een
geneesmiddel tegen Bloedsluier beschikken, dan is het hun morele plicht
mee te werken. Een passende beloning zal heus niet ontbreken. De mannen
weigeren echter elke medewerking, en Stranger gaat tot actie over. Hij vuurt een regen van vonken op de mannen af, die verdoofd achterover tuimelen. Varlock grijpt een van hen vast, en Chiara bindt die meteen als een worst. Rexana probeert de tweede onder controle te houden, maar die worstelt zich los...
alleen om recht in de armen van de dwerg te lopen, die ook nummer twee
binnen de kortste keren geïmmobiliseerd heeft. Chiara weet ook de tweede
in touwen te draaien en daarmee is met die bedreiging effectief
afgerekend.
Ze zijn op zoek naar de ontbrekende Vendra wanneer Stranger
besprongen wordt door een derde wachter die niemand verwacht had. De
pistoolheld is echter niet voor één gat te vangen: in het zicht van
zoveel onverwachte vechtlust valt hij elegant flauw. Varlock meent dat zijn makker is neergeslagen en stormt als een bulderende stormram op de verbijsterde wachter af. Rexana
snelt toe en probeert de wachter met het plat van haar zwaard
onschadelijk te maken voor hij een kopje kleiner wordt gemaakt, maar de
wachter haalt intussen al uit naar Varlock. Stranger
blijkt bijzonder alert voor een bewusteloze en vuurt een lichtscheut op
de wachter af. Wanneer die even staat te knipperen, zwaait Varlock vervaarlijk met zijn bijl. Rexana, die er nog altijd niet van overtuigd is dat ze hier met echte bandieten
te maken hebben, vindt het te ver gaan om iemand die zijn eigen huis
bewaakt, dood te slaan. Ze doet een beroep op de krachten die de goden
haar schenken en sommeert de man met een met macht geladen stem om te
blijven staan waar hij staat. Hij kan prompt geen vin meer verroeren en Varlock kan hem makkelijk vastbinden en bij de twee anderen gooien.
Waar hangt Vendra intussen uit? Chiara gaat op zoek naar andere ruimtes of doorgangen, maar vindt niets. Stranger grijpt zonder veel plichtplegingen een van de wachters bij de kladden en bedreigt hem koeltjes met een nacht zijn ingewanden eruit kotsen of de locatie van Vendra ophoesten. De wachter kiest eieren voor zijn geld en onthult dat Vendra in het naburig appartement is, waar je door middel van een geheime verbindingsdeur in de slaapkamer kunt komen.
In
het naburige appartement zijn de ramen dichtgespijkerd. Het ruikt er
naar goedkope parfum, er staat een grote ton en massa's dozen met
flesjes die er bekend uitzien. Daarnaast zien ze ook een doos met goedkope parfumflesjes staan.
Stranger sluipt onzichtbaar binnen. Hij treft Vendra achter een kastje, waar ze verdekt staat opgesteld. Zodra hij weer zichtbaar wordt, springt Vendra tevoorschijn, vervaarlijk zwaaiend met een toverstafje. Het mag haar niet baten. Varlock
grijpt haar bij de lurven en is vast van plan haar net zo stevig vast
te binden als haar wachters. De vrouw gilt en kronkelt echter als een
bezetene en weet zich uit de greep van de dwerg los te werken. Rexana probeert het nogmaals met een magisch bevel, en ook Stranger haalt een toverstafje boven, maar het mag niet baten. Vendra vecht en krabt als een boskat en weet Stranger met een dolk te steken. De tovenaar probeert haar met een magische bezwering te treffen, maar de parfummengster lijkt elke uitval te kunnen ontwijken. Varlock
krijgt er al gauw genoeg van en grijpt de hysterische vrouw kordaat
beet. Dit keer zorgt hij ervoor dat alle ledematen binnenboord zijn en Vendra kan geen kant meer op.
Wanneer ook Vendra stevig is vastgebonden en nog steeds
weigert om iets meer over de formule prijs te geven, gaan de vier nader
op onderzoek uit. Wanneer ze een van de gekochte flesjes 'geneesmiddel'
openschroeven, worden hun verdenkingen bewaarheid: ze ruiken naar het
goedkope parfum waarvan ze hier lege flesjes zien, wellicht aangelengd met water uit de rivier. Vendra is niets meer dan een bedriegster die wilde profiteren van de ellende van anderen.
Vol afkeer besluiten de vier de bedriegster aan de autoriteiten over te dragen, maar nemen eerst de tijd om het valse geneesmiddel tot de laatste druppel te vernietigen.